06-12-09

de kleine droom & De Groote Droom (3)

Een stukje proza. Zo vroeg ze het niet. Ze was niet mooi - niet het soort lerares dat voorwerp zou uitmaken van masturbasie-fantasieën van haar puberende leerlingen. Als ze zich bewust was geweest van de mogelijkheid zulk een voorwerp uit te maken had ze dat goed gevonden. Althans, ze had niet erkend dat ze zich erdoor gekrenkt voelde. Ook niet tegenover zichzelf. En trouwens: het waren andere tijden, tijden die onbekommerd toelieten om tegen zichzelf te fluisteren: "Goed dat ik geen voorwerp ben; zelfs niet in de dromen van hen die wanhopig op zoek zijn naar onderwerpen." Tijden zelfs die toelieten om alleen wat voor de punt komma staat tegen zichzelf te zeggen (zonder nood aan fluisteren zelfs) & wat na de punt komma staat ongezegd te laten. Tijden waar eerlijkheid alleen jegens God nodig was.

Neen, ze vroeg: "Een stukje toneel." En ze gebruikte ook het woord "origineel" maar niet rijmend want rijmen was uit de mode nu het postmodernisme ook de provinsies bereikt had. Lelijk was ze ook niet; &, lelijk gevonden worden zou haar wél geschokt hebben. Ze keek naar de pokdalige - Raf, denk ik - die ze later ook zou voorstellen als kandidaat voor een TV-programma, in tijden waar TV-programma's onbereikbaar waren (en ook kultureel onverdacht, zoals nu maar anders: alleen voor pubers, & nu alleen voor niet-pubers, misschien). Het zou gaan tussen hem en Bart (die later iets permanents zou doen voor TV, uiteindelijk achter de schermen; hij was, & wellicht is, de slechtste nog niet die Bart). Waarom toneel? Omdat we naar de Blauwe Maandag Compagnie gingen, in Antwerpen; een stuk van een oud-student van haar (de oud-student was lelijk, zoals zij, en dus de regisseur en, wie weet, ook de schrijver). & Zij zag er uit als een oud wijf dat meer wilde dan slechts in zijn dromen zijn die dag, de dag van de uitstap. Maar ik sla best geen stappen over; of althans daarvoor werd ik door haar veelvuldig op gewezen (zoals op het gebruik van 'En', in het begin van de zin; daar trok ze zelfs punten voor af zodat ik die gewoonte niet meer afleren kan).

Toneel dus. En ik dacht onmiddellijk aan cowboys en indianen - die beseften dat ze indianen en cowboys waren - maar die ook beseften dat ze nu eenmaal zo waren, & niet anders want ontsproten aan mijn brein; als cowboys en indianen. En mijn groep was onmiddellijk akkoord. Het skript was er vlug en al gauw bleek dat onze grootste uitdaging de slappe lach zou zijn. Wat op zich niet erg was want - zeg nu zelf: als jij een cowboy (of indiaan) moest spelen die besefte dat ondanks het beseffen er niet anders aan te doen was dan cowboy (respektievelijk indiaan) te zijn? OK, allicht niet al te overtuigend dus beeld je bovendien in dat je puber bent en dat je weet dat dat kreng van een lerares Nederlands ab-so-luut niet kan lachen met absurditeiten - als dat nog niet volstaat dan ben je waarschijnlijk Raf (of de lerares Nederlands) in welk geval ik "Sorry!" zeg, uit de grond van mijn hart (want het is niet rechtvaardig om zo een voorbeeld uit te vergroten en de illusie te wekken dat de uitvergroting nog altijd een deel is van dezelfde werkelijkheid waaruit ze uitvergroot wordt). "Sorry!" dus, en nu moet ik voort want sommige mensen, ook ik bijna, verkwanselen een heel leven met sorry te zeggen (of te denken dat uit-de-kast-komen zal kwetsen en dan maar in de kast blijven tot geluk van velen die hen niet kennen & tot ongeluk van hen die hen wel kennen - of beter meenden te kennen als iemand die niet uit de kast hoeft wegens voldoende geliefd door hen om gewoon te zijn zoals ze waren).

Ook Raf en Bart hadden een stukje. Ze zaten zelfs in de zelfde groep. & Hun stukje was niet op rijm & hun stukje borduurde ook niet voort op vorige 'kreatief schrijven'-opdrachten zoals daar zijn origineel gebruik van gezegdes en spreekwoorden en, tja wat? Ik meen me te herinneren dat ze iets magies-realisties deden - of iets tussen, alfa en omega - of iets met liefde in de trant van de man van Kristien Hemmerechts die nog niet dood was toen ("Hhhherman." zei de lerares als ze aankondigde dat we iets moesten lezen van dat onverstaanbaar gewauwel - & blies de 'H' aan op zo een manier dat het dadelijk duidelijk was dat ze hem, op simpele aanvraag, pijpen zou; althans dat dachten ik & nog wat anderen, maar zelfs die gedachten volstonden niet om haar te integreren in ons afgetrek).

U weet het al: de groep van Raf en Bart won. Groep is trouwens veel gezegd want er was sprak van een regisseursstuk van de hand van Raf. Er was ook sprake van, wat ik naar anderen vertaalde als, het konsept van speler-trainer. "En hun trainer speelt ook midvoor." hoorde ik iemand naar wie ik dat vertaalde reageren. Ik lachte (en ik maakte hem dus niet attent op het oneigenlijk gebruik van 'En' in wat hij zei - ik zei dus niet wat zij zei: "Dat 'en' een woord was dat nooit een hoofdletter krijgen kon) & dat speet me vlug. De toorn des juffrouws kwam op me neer (Nope - zelfs dat niet); dat ik niets serieus kon nemen; dat ik geen respekt had voor andermans werk - en, die zat; dat, enzovoort. Raf keek gekwetst. Bart keek alsof hij lucht wilde zijn. En ik, ik? Ik vond het onrechtvaardig. Ik vond het in zijn geheel onrechtvaardig maar ook, in het bijzonder, vond ik het onrechtvaardig dat zij mijn stuk in de grond boorde, en passant mijn kameraden een buis toebedelend.

Bij mij was het altijd: teveel X als de mode weinig X was, en te weinig X als de mode veel X was (dat is een chiasme op komparatieven en een variabele die je hier gratis krijgt als beloning van je doorzttingsvermogen in het lezen). Rijm, lange zinnen, en de neiging om op een barokke manier minimalisties te zijn; in één woord door haar niet uitgesproken maar oorverdovend gedacht - samen met Raf die een krak was in het oorverdovend denken (de Rammstein van de veroordelend blik als het ware): ik kon het niet en moest het voor de anderen niet verknoeien. The story of my life. En daarna gingen we naar Antwerpen; en we zagen hoeren in een uitstalraam & zonder twijfel was dat ook levensveranderend; en we keken naar het BMC-stuk en beseften niet dat het geschiedenis zou geworden zijn tegen de tijd dat ik dit schrijf. Raf & Bart mochten de regisseur die niet meespeelde interviewen. Het was niet slecht - aan de absurde kant maar niet slecht - maar ik vond het slecht en zei dat ook. Zestien jaar in de jaren '80; je kon het ook zonder kulturele ambisies stellen, & je hoefde niet te willen skiën naar de andere kant van China. The story of my life.

Daarna werd alle denken dichotoom: de kleine droom óf De Groote Droom - want ik las Boon en ik las Elsschot in originele uitgaven en dus spelling. Of nog - ambitie of Ambisie. Daar heb ik twintig jaar over moeten nadenken: "a false dichotomy" kan ik nu zeggen. Het was hun schuld niet; maar laat het ook onze schuld niet worden. En: vijfentwintig jaar om nog eens naar het toneel te durven zonder de gedachte dat 'Ik het beter zou gedaan hebben'. Zonder die gedachte omdat ik het nu ook doe.

They can keep their ambition and chew on it too ;-)

 

De commentaren zijn gesloten.