24-06-09

Bah!: Ban akelige hoofddoeken

(Ach, de titel zal wel te sterk zijn voor gevoelige oren. Toch wordt 'hoofddoeken' erin voorafgegaan door 'akelig'. Het gebruik van een adjektief dient om een deel van de hoofdverzameling aan te duiden.)

Het vreemde aan hoofddoeken is dat degenen die tegen elk verbod erop zijn veelal leuke mensen zijn. Doorgaans veel leuker dan zij die voor "selektief" verbieden van de hoofddoek zijn. Altijd oneindig veel leuker dan die verzameling minkukels die de unie is van zij die voor een absoluut verbod op hoofddoeken zijn, en zij die voor het absoluut gebod op het dragen van hoofddoeken zijn. Het doet me werkelijk pijn aan het hart (eerlijk waar!) om die vele leuke mensen tegen de borst te stoten. Alsof de verzamelde krachten van extreem-rechts en betweterig links nog niet voldoende zijn als levende nachtmerrie; als bewijs dat dit een intriest wereld is vol hypokrieten.

Dat gezegd zijnde: "I hate a man in uniform.", dus ook: "I hate women in uniform". Of beter: ik haat niet de mannen en de vrouwen die in dat uniform zitten maar wat dat uniform met ze doet. Het woord 'uniform' is opvallend akkuraat; het wil uniform maken; het zet de kracht van een door een groep individuën gedeeld simbool voor op de kracht van die individüën. Dit dient 2 doelen: de groep onsplitsbaar maken & de mensen buiten die groep beïndrukken. Niet altijd slechts: groene kleding in Iran, zakdoeken die achteloos uit de achterzak bengelen van mannen in stadsparken ..., maar dat zijn de uitzonderingen. De regel is die van insluiting en uitsluiting: eens in de groep voor altijd in de groep - niet in de groep dan buiten de groep.

Dit is mijn stelling: de hoofddoek is een uniform. Een uniform dat door enkelen die het dragen gezien wordt als het groene Iraans lint van verzet tegen bruinhemden & andere verregaand ontspoorde liberalen. Maar toch vooral een uniform om 'n groep te sluiten, een verbond te smeden. Een slecht uniform. Een akelig uniform. Eén van de akeligste uniformen mogelijk: tegelijkertijd religieus, en diskriminerend op basis van geslacht. Hoe nobel en terecht ook de wil tot verzet tegen de provokateurs - als je op school gepest wordt door de geüniformeerde fashion police is vooruitgang iets anders dan het opzetten van de geüniformeerd pestende nerd police (en dit is een, bewust, veels te milde vergelijking).

Moet je het alleen daarom ergens verbieden? Uiteraard niet.

Moet je het daarom altijd en overal toelaten? Uiteraard niet.

Daar gaat het mis. Daar begint het bitsige binair bikkelen - het absolute standpunt, en de trage moord op elke nuance. Want uiteraard zal dit Middeleeuws gebruik ooit uitsterven (of, beter, uitdoven tot een modeverschijnsel, want het kan best wel sexy zijnl) en uiteraard zal, op het moment dat er geen sprake meer is van gebod, nooit nog de nood gevoeld worden tot een verbod. Maar dat is later. En dit is nu.  Dit "nu" is onmiskenbaar een nu waar vrouwelijke moslims, die niet zo welbespraakt zijn als de voorvechters voor het absolute recht op een bepaalde uniforme klederdracht, de minst benijdenswaardige bevolkingsgroep zijn op deze aarde.

In die kontekst zegt een schooldirectrice dat zij aanwijzingen heeft dat er bij haar in de school meisjes zijn die door sociale druk de hoofddoek aantrekken. & dan vraag ik je: 'wie heeft op school nooit sociale druk gevoeld om puntschoenen te dragen?', en 'welke bewijzen kon je geven voor die sociale druk?' Als je deze vragen weglacht, lach dan ook de klachten weg van anorekse meisjes, terloops gezegd. Wie zijn wij - wie ben jij eventueel - om die directrice niet serieus te nemen, om algemeenheden te debiteren - en principes en andere heiligheid - die naast de kwestie zijn van een directrice en haar leerlingen die, konkreet, hun principieel recht opeisen om niet op te vallen, om niet een overduidelijke keuze te maken geen hoofddoek te dragen.

Sorry, maar dat is niet leuk. Niemand die ooit eens een buitenbeentje geweest is op school kan hier ongevoelig aan zijn - niemand mag zo ongevoelig zijn om namen te vragen, en bewijzen. Dit is echt niet leuk: directrice zijn (of burgemeester) & moeten horen dat je argumenten zwak zijn, en dan in absolute termen veroordeeld worden - terwijl niemand op je argumenten ingaat.

Zijn kinderen op de middelbare school niet vatbaar voor specifieke regels die hen in staat moeten stellen om eerst, ongedwongen, een mening te vormen vooraleer zo'n keuzes gemaakt moeten worden?

Hebben mensen die de openbare dienst benaderen geen recht hun vraag te stellen zonder herinnerd te worden aan de opvattingen van deze of gene godsdienst?

Zelfs als het antwoord op de twee vragen "ja" is dan betekent dit niet dat er verbod moet komen. Het betekent enkel dat er ruimte is voor genuanceerde afweging. Het soort afweging dat gemeenteraden en schooldirekties kunnen geacht worden in alle ernstigheid te nemen zonder dat er over hen moord en brand geschreeuwd wordt. & dus hoofddoeken te bannen wanneer ze akelig worden (en, open de ogen op straat - hoofddoeken worden akeliger; de erotiek van 2008 is harde porno aan 't worden).

Want één ding is zeker: er is geen absoluut recht op deze of gene simbolen - zoals er geen absoluut recht is op al die vuilspuiterij van 'nieuw-rechts'.

Niets is absoluut in een rechtsstaat, behalve de rechtsstaat .... en dat is een perfekt linkse visie.

(En neen; die meisjes riskeren de hel niet. Het enige risiko is dat ze niet meer naar school mogen gaan; en dat is een deel van de afweging. Maar dat argument is ver, heel ver verwijderd van de kernbommen die vóór die hoofddoek in stelling gebracht worden.)

Update: Blijkbaar is er toch kwestie van dwang. Dwang van ouders en ook dwang van macho-jongens (niet van meisjes uiteraard want die dwingen nooit natuurlijk - zij zijn ten hoogste héél erg overtuigd van hun volstrekt onschuldige religie). Maar, zo luidt het verdikt, dat moeten we aan de bron oplossen en niet door de vrijheid van de erg religieus overtuigden te schenden. Sorry, even scherp nu: de vrijheid van sommigen is blijkbaar toch vrijer dan die van anderen, voornamelijk wanneer het gaat om - als kind - wat vrijheid af te staan aan de godsdienst.

En wat is er nu lovenswaardig aan om een sterke overtuiging te hebben dat je moet doen wat anderen voorschrijven?

De commentaren zijn gesloten.